Maurits en het wensbomenbos.

Maurits en het wensbomenbos

Fragment:
Zodra hij onder de bomen liep, voelde hij zich opgenomen in het gefluister van de bladeren hoog boven zijn hoofd. Stel je voor dat hij hier samen met iemand anders zou lopen, met Alida bijvoorbeeld, en dat zij zou zeuren: ‘Maurits, mag ik jouw Suske en Wiskeboeken hebben?’ dan zou hij zeggen: ‘Ja Alida, goed Alida, neem ze maar mee.’ Zo sterk was de betovering van het wensbomenbos. Je moest hier alles doen wat een ander van je vroeg. Alles wat je kon. En je voelde je hier zo licht en zo sterk en blij. Alsof je kon vliegen. Alsof je kon toveren en alles kon begrijpen. Stel dat je zelf een vraag zou stellen aan iemand, wat moest je dan vragen? Een wens zou het moeten zijn Maurits werd bijna duizelig bij het idee, zoveel wensen schoten er door zijn denken.

Website Auteur

TERUG

Bladzijdenaam